Montagesystemen om zonnepanelen te plaatsen op een plat dak

Montage op een plat dak kan grofweg met 3 montagesystemen:

1. Met een kunststofframe (bijvoorbeeld de console)

, dit is een bak van gerecycled materiaal (soort kunststof) leverbaar in verschillende maten, waarop het zonnepaneel geschroefd kan worden. De bak zelf kan men vol gooien met ballast.

Bijvoorbeeld op daken waar grind als verzwaring gebruikt is, kan men makkelijk de bak met grind vullen. Plaatsen en montage met de ConSole is echt heel eenvoudig. De enige drie nadelen zijn de prijs (duur!), dat de opstellingshoek (elevatie) niet in te stellen is, en dat de koeling door de wind niet optimaal is.. Alleen super zonnefreaks stellen de elevatie in de zomer op 37 graden en in de winter op 60 graden. Normale mensen stellen een keer een

optimale hoek in, en kijken er dan niet meer naar om. Dat een goede hoek instellen lonend is blijkt wel uit het verschil in opbrengst tussen een paneel met een vaste hoekopstelling en een paneel dat de zon volgt met behulp van een tracker (zie ook webpagina Opbrengst). Een filmpje hoe de montage in zijn werk gaat staat hier:

Er zijn verschillende maten consoles te koop bedoeld voor de diverse afmetingen zonnepanelen. In de handleiding van de console, kan men vinden welke console men nodig heeft. In de naastgeplaatste tabel kan men aflezen hoeveel ballast men in de console moet gooien om van het dak afwaaien te voorkomen. Hieruit blijkt ook dat de windbelasting op de rand veel hoger is. Daarom dient men bij de consoles op het einde extra verzwaring aan te brengen (Lees ook: voorbeeld montage van een plat dak frame.)

2. Met aluminium driehoekjes

Het meest toegepast zijn nog steeds de aluminium driehoekjes. De meeste fabrikanten leveren deze frames met een opstellingshoek van 15, 20 of 35 graden. Bij sommige systemen kan men het ook eenvoudig zelf instellen. Populair zijn de montagematerialen van Clickfit/Flatfix en Schletter. Sommige leveranciers van zonnepanelen maken deze frames ook zelf en verkopen die onder hun eigen merk. In principe is een opstellingsframe voor op een plat dak niets meer dan drie aluminium profielen die met een RVS-boutje aan elkaar geschroefd worden waardoor de opstellingsdriehoek ontstaat. Een lijst van alle fabrikanten wereldwijd is te vinden op de Duitse site van pv-magazine.

3. Aerodynamische systemen

Dit zijn systemen die vooral voor zeer grote velden ontworpen zijn om met zo weinig mogelijk ballast veel zonnepanelen op een plat dak te kunnen plaatsen. Kijken we bijvoorbeeld naar het Viessmann MSE210 Aero2.0 plat dak systeem:

Het systeem bestaat uit koppelbare bodemprofielen die op een dakbeschermfolie geplaatst worden. Op de foto in rijvorm, maar het kan ook in kolomvorm. In deze bodemprofielen worden de staanders (standaard 15 °) geplaatst. Achter de staanders worden windplaten bevestigd.

Aan de randen kunnen ballastprofielen geplaatst worden. Voor het midden van het veld is geen ballast nodig. Derhalve is dit een ideaal systeem voor daken waarop men weinig gewicht kwijt kan. Ook andere merken hebben soortgelijke systemen.

4. Oost/West systemen

Dit zijn systemen waarbij de zonnepanelen niet op het Zuiden onder een hoek van 37° voor de maximale opbrengst gericht zijn, maar bewust onder een hoek van 10° , soms 15° op het oosten en westen gericht zijn, in de vorm van een puntdakje. Het voordeel hiervan is dat men meer panelen op zijn platte dak kwijt kan, en dat men een meer gelijkmatige opbrengst heeft, verdeeld over de hele dag. Bij panelen op het Zuiden gericht heeft men rond het middaguur een piekopbrengst. Een gelijkmatige over de dag verdeelde opbrengst heeft voordelen bij eigenverbruik en bij systemen met een accu. Het grote nadeel blijft dat over de gehele dag genomen de opbrengst per m² zonnepaneel lager ligt.

Volgende pagina: Minimale afstand tussen rijen zonnepanelen